De Realistische Amerikanens
August 24, 1951 — Utrechtsch Nieuwsblad

The Mossadegh Project | March 29, 2022                     


This item on negotiations with Iran ran in Utrechtsch Nieuwsblad (“Utrecht Newspaper”) in the Netherlands. First is the original in Dutch, followed by an English translation.




Utrechtsch Nieuwsblad (Netherlands) newspaper

Onder de loupe

Perzië


Voor de twede maal stokt het Brits - Perzische gesprek over het netelige oliegeschil. Er is echter een groot verschil tussen het vertrek van de delegatie-Jackson einde Juni en dat van minister Stokes twee maanden later. [Basil Jackson of AIOC, Richard Stokes] Immers, onderhandelden Mossadegh c.s. destijds met de vertegenwoordigers van de Anglo-Iranian Oil Company, thans gingen de besprekingen rechtstreeks tussen de beide regeringen. Dat het tenslotte zover kwam was juist de belangrijkste concessie, welke van Perzische zijde werd verkregen, omdat Teheran te - voren ostentatief weigerde de bevoegdheid van de Engelse regering in deze zaak te erkennen. Het feit, dat de Britse staat het gros van de aandelen der Anglo-Iranian in handen heeft, kon aan deze opvatting ook niets veranderen. Men herinnert zich, dat de behandeling voor het Internationale Hof van Justitie te’s-Gravenhage om dezelfde reden geschiedde buiten de tegenwoordigheid en medewerking der Perzen, zodat de uitspraak ook niet werd erkend. Teheran beschouwde het vraagstuk als een zuiver binnenlandse aangelegenheid en daarmee scheen elk verder overleg vruchteloos.

Zonder twijfel is het aan de diplomatieke gaven van de Amerikaanse reizende ambassadeur, Harriman, [Averell Harriman] te danken geweest, dat eindelijk toch het directe contact tussen Londen en Teheran tot stand kwam en Stokes naar Perzië vloog om , onder het wa - kend oog van Harriman, met Mossadeq tot het zo gewenste accoord te komen. Dat zulks — om het nu maar zo zacht mogelijk uit te drukken — in eerste instantie mislukt is, schaadt niet alleen het belang van de direct betrokken partijen , maar is ook in hoge mate teleurstellend voor de Amerikaanse diplomatie. Men heeft Harriman, ondanks de wetenschap, dat de Perzische onderhandelaars min of meer de gevangenen zijn van nationalistische scherpslijpers, met een zeker optimisme dit laatste karweitje ter hand zien nemen. En van Britse zijde werd zelfs bij het vertrek van Stokes naar Teheran gezegd, dat deze reis niet zou zijn ondernomen, indien men twijfelde aan het welslagen .... Gisteren moest Stokes echter constateren, dat de Perzen weer overwegingen in de onderhandelingen hadden betrokken, welke geheel buiten de formule ston - den, op basis waarvan Engeland besloten had een delegatie naar Teheran te zenden.

Inderdaad krijgt men de indruk dat, welke tactische fouten de Britten in het laatste stadium der besprekingen ook gemaakt mogen hebben — wij denken bijvoorbeeld aan het „ultimatum”, dat zeker niet past bij de huidige Perzische mentale gesteldheid — Mossadeq c.s., al dan niet uit vrije wil, een soort afpersingspolitiek hebben willen volgen, waarbij zij slechts bereid waren concessies van de wederpartij te accepteren. De jongste Britse voorstellen voldeden in alle opzichten aan de verlangens, welke de Perzen redelij kerwijs konden koesteren, zij gingen de meerderheid van het Britse volk waarschijnlijk zelfs veel te ver en zij hadden ook het uitdrukkelijke fiat van de Amerikanen.

Desondanks liet Mossadeq het „neen” horen. De figuur van deze smotionele minister - president is er door de recente gebeurtenissen niet duidelijker op geworden. Zijn taak is door het hyper-nationalistische sentiment, dat momenteel in Perzië overheerst, onnoemelijk zwaar, maar wanneer deze politicus werkelijk slechts een willoos werktuig zou zijn. waarom maakt hij van zijn zwakke gezondheid dan geen gebruik om van het politieke toneel le verdwijnen? Of is het alles een geraffineerd spel dat in Teheran wordt opgevoerd? Men neigt tot deze conclusie, maar het onbegrijpelijke in dat geval blijft, dat de huidige machthebbers in Perzië dan blijkbaar niet beseffen, dat dit spel, een spelen met vuur is Komt er geen bevredigende regeling met de Britten, dan komt het oliebedrijf stil te liggen en droogt ook de geldelijke bron op, waaruit het economische leven in Perzië gaande gehouden wordt. Dat weten Mossadeq en de leden der Perzische olie-commissie heel goed. Zii weten ook, dat hun land bij een definitieve breuk voor de chaos staat Zij weten echter óók, dat de Westerse mogendheden deze chaos tot elke prijs willen voorkomen!

Hier ligt irisschien het belangiijkste facet van het hele Perzische conflict. De realistische Amerikanen iiebben onlangs, tactisch wellicht ininder verstandig, reeds laten doorschemeren, dat zij Perzië, ook inflien er geen accoord met Engeland bereikt werd, niet zullen laten ondergaan. Zij zullen economische steun blijven schenken. Er kan niettemin een moment komen, dat ook dat niet zal baten.

Al met al is het in het welbegrepen eigen belang van alle betrokken partijen, dat de gisteren losgelaten draad weer opgenomen wordt. Het alternatief is te schrikaanjagend.



Under the magnifying glass

Persia


For the second time, the British-Persian conversation about the thorny oil dispute has stalled. However, there is a big difference between the departure of the Jackson delegation at the end of June and that of Minister Stokes two months later. [Basil Jackson of AIOC, Richard Stokes] After all, Mossadeq et al. negotiated at the time with the representatives of the Anglo-Iranian Oil Company, now the talks took place directly between the two governments. The fatct that it finally came to this point was precisely the most important concession, obtained from the Persian side, because Tehran had previously ostentatiously refused to recognize the competence of the English government in this matter. The fact that the British State owns the bulk of the shares of the Anglo-Iranian could not change this view either. It will be remembered that the proceedings before the International Court of Justice in The Hague were for the same reason without the presence and cooperation of the Persians, so that the judgment was not recognized either. Tehran regarded the question as a purely domestic affair, and therefore any further consultation thus seemed fruitless.

No doubt it was thanks to the diplomatic gifts of the American traveling ambassador, Harriman, [Averell Harriman] that direct contact between London and Tehran was finally established and Stokes flew to Persia to reach the desired agreement with Mossadeq, under the watchful eye of Harriman. That this — to put it as mildly as possible — failed in the first place not only harms the interests of the parties directly involved, but is also deeply disappointing for American diplomacy. Harriman, in spite of the knowledge that the Persian negotiators are more or less the captives of nationalist fanatics, has been seen taking up this last job with a certain optimism. And on the British side, even when Stokes set out for Tehran, it was said that this journey would not have been undertaken if there were any doubts about its success.... Yesterday, however, Stokes found that the Persians had once again taken part in the negotiations, which were completely outside the formula on the basis of which England had decided to send a delegation to Tehran.

Indeed, one gets the impression that whatever tactical mistakes the British may have made at the last stage of the talks — we are thinking, for example, of the “ultimatum”, which certainly does not fit the present Persian state of mind — Mossadeq et al., whether of their own free will or not, wanted to follow a kind of extortion policy, in which they were only willing to accept concessions from the opposing side. The latest British proposals satisfied in every respect the desires which the Persians could reasonably cherish, they probably went far too far for the majority of the British people and they also had the express consent of the Americans.

Nevertheless, Mossadeq said “no”. Recent events have not made the figure of this traditional prime minister any clearer. His task is immensely heavy due to the hyper-nationalist sentiment that is prevalent in Persia today, but when this politician would really be only a willful tool, why then does he not take advantage of his frail health to disappear from the political scene? Or is it all a sophisticated show performed in Tehran? One tends to this conclusion, but the incomprehensible thing remains that the current rulers in Persia do not seem to realize that this game is playing with fire. If there is no satisfactory settlement with the British, then the oil company will come to a standstill and the money will dry up, from which the economic life in Persia is sustained. Mossadeq and the members of the Persian Oil Commission know this very well. They also know, however, that their country will be in a state of chaos once and for all, but they also know that the Western powers want to prevent this chaos at all costs!

Here lies perhaps the most important facet of the whole Persian conflict. The realistic Americans have recently hinted, tactically perhaps less wisely, that they will not let Persia suffer, even if no agreement is reached with England. They will continue to provide economic support. Nevertheless, there may come a time when that too will not work.

All in all, it is in the well-understood self-interest of all parties involved that the thread released yesterday is picked up again. The alternative is too frightening.


Divvying Up the Loot: The Iran Oil Consortium Agreement of 1954
Divvying Up the Loot: The Iran Oil Consortium Agreement of 1954

Search MohammadMossadegh.com



Related links:

Persian Oil | The Geraldton Guardian, September 1, 1951

PERZIË | Trouw (Netherlands), October 17, 1952

An American Policy in Iran | Muncie Evening Press, June 26, 1951



MOSSADEGH t-shirts — “If I sit silently, I have sinned”

Facebook  Twitter  YouTube  Tumblr   Instagram